Voor deze website is het gebruik van cookies vereist, klik hier voor meer informatie. later opnieuw tonen ik ga akkoord met cookies
 
  • juf Rita pcbs 't Mozaïek
    Bezoekers:
  • Informatie van VLL

    Kern 9: bedoel - verhaal - gezin

    Het thema van deze kern is: ‘Hé, hoe kan dat?’ Kinderen gaan aan de slag met allerlei onderzoekjes en proefjes. In deze kern maakt uw kind ook al kennis met tweelettergrepige woorden: vijver, bakker, kasten, balkon, poedel’. Het zijn nog woorden zonder open lettergreep. Ook komen woorden aan de orde zoals: ‘bedoel’, ‘verhaal’, ‘gezin’.

  • Informatie voor ouders
  • Leestrainer: kies kern 9
  • Rozijnenproef (en zadenproef )
  • Hoe werkt een fietsketting ?
  • Hoe werkt een dynamo ?
  • Van ei tot vlinder HBB
  • Uitleg van een eenvoudig stroomcircuit
  • VLL kern 9: "Hé, hoe kan dat?"

    In kern 9 ligt de nadruk op; technisch lezen, begrijpend lezen, spelling en taal.Het thema van kern 9 is gericht op verwondering, op de vraag hoe iets eigenlijk mogelijk is, op het onderzoeken van hoe iets werkt of in elkaar zit. Het verhaal waarmee de kern start gaat over Tasja en Daan die een kameralarm maken, met behulp van schroeven. Zo komen ze erachter dat er in de kamer van Daan overal schroeven te vinden zijn.  

     

    Aan het einde van kern 9 kunnen de kinderen:

    • Eenlettergrepige woorden correct en vlot lezen met drie medeklinkers vooraan (zoals: straat) of drie medeklinkers achteraan (zoals: eerst).
    • Eenlettergrepige woorden correct en vlot lezen die eindigen op ‘aai’ (zoals: haai), op ‘ooi’ (zoals: mooi) en ‘oei’ (zoals: foei).
    • Tweelettergrepige woorden correct en vlot lezen (zoals: buiten, kasten, balkon), met uitzondering van tweelettergrepige woorden met een open lettergreep.

     

    • Tweelettergrepige woorden correct en vlot lezen met een voorvoegsel (zoals: bedoel, gezien, verhaal).
    • Korte, eenvoudige zinnen en teksten lezen en begrijpen.
    • Letterlijke vragen over een tekst beantwoorden.
    • Denkvragen over een tekst beantwoorden.
    • Conclusies trekken uit de context van een gelezen tekst.
    • Eenvoudige, klankzuivere mmkm en mkmm woorden correct opschrijven. 
  • Oefenwoorden voor het leren lezen
  • Woorden met 'aai','oei ','ooi'
  • Techniek dat is knap (Koekeloere)
  • Niks gaat vanzelf (techniek Koekeloere)
  • Wip wap wip (uitvinden Koekeloere)
  • Woordweb

    Het maken van een woordweb komt in deze kern regelmatig aan de orde. Uitgaand van een kernwoord, bijvoorbeeld ‘wiel’ kunnen woorden worden gezocht die betrekking hebben op dat begrip. De woorden worden eromheen geschreven.

  • Zinnen in de juiste volgorde plaatsen

    Ook het plaatsen van zinnen in de juiste volgorde met behulp van een plaatje is een van de oefenvormen. Met behulp van slechts één afbeelding kiest het kind welke van de zinnen de eerste zin is, welke de volgende etc.

  • 'aai', 'ooi' en 'oei' woorden
  • Woorden met 'je' en 'tje'
  • Begrijpend lezen

    In kern 9 maakt uw kind kennis met allerlei oefenvormen voor begrijpend lezen.

    Enkele voorbeelen: Uw kind krijgt steeds een zin of een korte tekst. Daarna worden drie uitspraken gedaan. Slechts één van de drie uitspraken past bij de zin of tekst.

    • Voorbeeld: Els maakt een jurk. Die is voor de pop van Noor. Bij deze korte tekst staat een tekening. Uw kind kan kiezen uit de volgende uitspraken:
      (1) De pop is van Els.
      (2) Noor maakt een jurk.
      (3) De jurk is voor de pop.
    • Waarschijnlijk zal uw kind in het begin fouten maken bij deze oefenvorm, omdat het te snel denkt dat een bepaalde uitspraak wel goed zal zijn. Uw kind leert dat het de gekozen uitspraak goed moet controleren door de zin of tekst nog een keer te lezen.

 
Add to Yurls